De kwetsbaarheid van de pen

Bang voor het naar buiten brengen van je schrijfwerk?

Schrijven is nu eenmaal een kwetsbare bezigheid. De thema’s die je aanstipt, de details die je uit jouw eigen leven gebruikt, de hoofdpersonages en hoe zij reageren – het is allemaal in meer of mindere mate een stukje autobiografie. Om dat aan andere mensen te laten lezen kan aanvoelen als een behoorlijk koud bad om in te springen. En als je al over je koudwatervrees heen bent, staan er nog een aantal andere grote monsters klaar in je hoofd: is dit stuk het wel waard om dat koude water voor in te springen? Wat als het niet goed genoeg is? Wat zullen ze wel niet van mij denken?

Hier de gouden tip voor al het koude water dat je op A4’tjes door je hele huis hebt verzameld maar nooit aan het daglicht durft te laten warmen: laat die schrijfsels maar lekker een tijdje liggen. Schrijven is namelijk ook een tijdrovende bezigheid. Als je ze na een paar weken weer voor je houd, zal je merken dat de woorden anders voelen; er zit meer afstand tussen jou en de woorden. Je ziet de kwaliteit beter, misschien zie je zelfs de verbeterpunten ineens helder. Schrijf het stuk eens over met je frisse blik en laat het weer een paar dagen liggen.

Tijd is een grote meester – hij regelt heel wat zaken.

Voltaire (1694 – 1778)


Na die paar dagen lees je de schrijfsels weer over. Wees niet te bescheiden met je oordeel: ‘Verdorie, dit is toch best een goed verhaal geworden!’ Denk je dit niet, schrijf ‘m dan nog eens over en laat het weer een paar dagen rusten.

Neem de tijd voor dit proces. Langzaamaan creëer je meer afstand tussen jou en het stuk, waardoor de kwetsbaarheid afneemt. Daarnaast stop je veel energie in je schrijfwerk – en waar je je energie in steekt, groeit. Als jij er in gelooft, moet er wel wat in zitten. Ga echter niet meteen de enveloppen vullen voor uitgeverijen – probeer eerst eens voor te lezen aan een vriend, een buurman of een collega. Dat kan al spannend genoeg zijn.